Skip to article frontmatterSkip to article content
Site not loading correctly?

This may be due to an incorrect BASE_URL configuration. See the MyST Documentation for reference.

Waxinekaarsje

Als je een waxinekaarsje aan steekt en er een glas overheen zet, zal het kaarsje uit gaan. Als je dat waxinekaarsje laat drijven op water terwijl je er het glas er overheen zet, zal het water in het glas stijgen. Op het internet zwerven er verschillende verklaringen voor dit fenomeen rond.

  1. Het kaarsje verbruikt zuurstof, waardoor er een vacuüm ontstaat en het water omhoog wordt gezogen.

  2. Het kaarsje verwarmt de lucht in het glas, waardoor de lucht uitzet. Wanneer de kaars dooft koelt de lucht af waardoor de druk afneemt en er water omhoog wordt gezogen.

  3. Bij het verbranden van de kaars ontstaan er waterdamp en koolstofdioxide. De waterdamp condenseert aan de binnenkant van het glas, waardoor er minder gas in het glas is en de druk afneemt. Hierdoor wordt het water omhoog gezogen.

Alle theorieën zijn waar, en waarschijnlijk, alleen de invloed van de ene theorie is minder signifiacant dan de ander. Tijdens het branden zie je het water deels opgezogen worden, dit is conform theorie 1 & 3. Zodra het kaarsje dooft, en de lucht in de cilinder de kans krijgt af te koelen, zie je dat theorie 2 ook invloed heeft, en op het oog de meest significante invloed. Na afloop van de proef is ook waterdamp te zien aan de binnenkant van de cilinder, wat overtuigend bewijs is dat theorie 3 ook invloed heeft.